Mezelf niet, of al die jaren nooit geweest

Het was standaard de feedback die ik kreeg: ‘Laat eens wat meer van jezelf zien, je bent zo stilletjes.’ Mijn stages liepen erop stuk, mijn werkgevers begonnen er hun functioneringsgesprek mee. Alsof ik zomaar ineens een knopje kon indrukken om uitgebreid over mezelf te zitten kletsen. Alsof ik na zo’n gesprek joviaal langs alle bureaus van mijn collega’s zou lopen om iedereen voor een borrel na werktijd uit te nodigen. Misschien ligt het aan mij, maar hoe vaker ik zulke opmerkingen kreeg, hoe meer ik het gevoel kreeg dat ik het niet goed deed. Dat ik niet goed genoeg was. Pas als ik spontaan was, gezellig, sociaal… Dán voldeed ik.

Maar toch. Ik zou mezelf niet als niet spontaan, ongezellig of asociaal bestempelen. Ik maakte als kind gemakkelijk nieuwe vriendjes, bevond me als tiener altijd in grote vriendengroepen en ben er altijd voor in om iets leuks te doen. Ben ik verlegen? Als ik je net ken misschien een beetje. Maar zodra ik me op mijn gemak voel, kun je heus wel een goed gesprek met me voeren. En mocht je me in de kroeg tegenkomen, moet je niet gek opkijken als je me, mits in goed gezelschap, ineens op de bar ziet dansen.

Het is pas sinds een paar maanden dat ik volledig durf te accepteren dat ik introvert ben. Lange tijd heb ik gedacht dat introvertie verkeerd was. Introverte mensen waren saai, misschien zelfs een beetje vreemd. Die zaten in een hoekje toe te kijken hoe andere (extraverte!) mensen plezier maakten. Ik wilde niets liever dan ook zo zijn: sociaal, gezellig, in voor een feestje, altijd onder de mensen. En ja, ik genoot ervan. Maar ik genoot minstens zoveel van het alleen-zijn, van een dagje even niks hoeven, of gewoon de tijd hebben om een goed boek lezen. Maar dat durfde ik vooral niet aan andere mensen te vertellen, want: saai. Dus leefde ik een dubbelleven. Wanneer ik onder de mensen was, deed ik wanhopig mijn best om extravert te zijn. Wanneer ik alleen was, omarmde ik mijn introverte zelf, om me vervolgens weer op te laden voor mijn extraverte alterego.

Lees mijn blogs terug en je weet waartoe mijn ‘dubbelleven’ leidde. Een burn-out. Ik trok het niet meer om iemand te spelen die ik niet was. Maar het duurde even voordat ik dat ontdekte. Waarom ik vroeger op zondag liever op mijn kamertje een boek las dan met een vriendinnetje speelde – hoe hard mijn ouders me ook pushten om iemand uit te nodigen? Waarom ik tijdens de vakanties net zo lief in mijn eentje de duinen introk als mee te doen aan het kinderrecreatieprogramma? Waarom ik niet van verjaardagen in grote kring houd en liever één-op-één met mensen afspreek? Waarom ik na een sociale activiteit altijd even een cooling-down nodig heb om tot mezelf te komen? Waarom ik ernaar verlangde om een keer alleen op reis te gaan? Het lijkt nu allemaal volkomen logisch.

Op het moment van schrijven zit ik in Italië. Alleen. Ik heb een appartement voor mezelf, verken in mijn eentje de stad. Ik ga alleen uit eten, of drink alleen een drankje op het terras. Ik lees een boek op mijn balkonnetje, geniet van de stilte, maar ook van het rumoer in de straat onder mij. Of ik me eenzaam voel? Nauwelijks, want ik ga ook elke ochtend naar Italiaanse les. Ik ouwehoer in de pauze met mijn studiegenoten, drink met hen biertjes in een café, of ga samen voetbal kijken in de pub. Ik vertel over mezelf; wie ik ben, wat ik doe. Ik geef een rondje en proost op la dolce vita. En wanneer ik weer terug in mijn appartement ben, trek ik de deur achter me dicht en geniet van de tijd die ik voor mezelf heb. Wat heerlijk dat dat allebei kan!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s