Dat past toch helemaal niet bij jou, zo’n burn-out? (3)

De nachten waren het ergst. Als ik geluk had, viel ik rond een uur of vier in slaap en sliep door totdat de wekker ging. Had ik pech, dan sliep ik helemaal niet. Dan lag ik te draaien, te woelen, naar het plafond te staren. Of ik sloop uit bed, nestelde mezelf in een hoekje van de bank en huilde tot het ochtend werd. Ik was boos op mezelf. En boos op God. Waarom lukte het nou niet, waarom kon ik niet slapen? Ik was al zo moe. Dat laatste restje energie had ik nu toch juist nodig om een leuker mens voor mijn omgeving te zijn? Om het leven überhaupt aan te kunnen? Hoe kon ik ooit van een burn-out herstellen als ik niet eens in staat was om een paar uurtjes per nacht te slapen?  Lees verder

Vijf redenen waarom ik zo van Zwolle houd

Op de een of andere manier heb ik me altijd met deze stad verbonden gevoeld. Of het nou was dat mijn broers en zussen hier studeerden, of omdat dit altijd het eerste overstapstation was tijdens de reisjes die ik als kind met mijn ouders naar de verre Randstad maakte: Zwolle deed iets met me. Toen ik er later als middelbare scholier zelf rondliep en er stiekem mijn eerste biertjes dronk, wist ik het zeker. Dit was mijn stad. En het wérd mijn stad. Want vorig jaar vond ik hier eindelijk mijn droomhuis en sindsdien mag ik mezelf officieel een echte Zwollenaar noemen. Lees verder

Ik wil alleen maar vrij zijn

“Wie ademhaalt, vindt dat niet bijzonder,” zei Jan Terlouw tijdens het Vrijheidscollege dat hij afgelopen maandag gaf in het Dominicanenklooster in Zwolle. “Pas wanneer je in ademnood verkeert, weet je hoe bijzonder ademhalen eigenlijk is.” Ik begreep het direct. Ineens zag ik mezelf weer als jong meisje op de trap zitten. Midden in de nacht, happend naar adem, vechtend tegen de vervloekte astma-aanval die me weer eens te grazen had genomen. Ik ga dood, was het eerste wat ik dacht. Nooit eerder was ik zo bewust met de dood bezig geweest, maar nu wist ik het zeker. Als er niet per direct een wonder zou gebeuren, zou ik hier, halverwege de trap, mijn laatste restje adem uitblazen. Lees verder

Alle perken te buiten gaan

Mijn werkkamer kijkt uit op de tuin. Een vijftig meter lange, goed verborgen groenstrook in het centrum van Zwolle. Wanneer de pruimenboom niet in bloei staat en de hazelaar van de buren zijn blaadjes laat vallen, heb ik zicht op een kerktoren die, as we speak, wordt omgebouwd tot appartementencomplex. Maar bij het krieken van de lente en het opkomende groen, verandert mijn rustgevende uitzicht in een onrustig perspectief. Want die tuin, oh die tuin. Lees verder

Het spoor naar huis

Een jaar geleden was ik in de rouw. Nadat ik twaalf maanden voor een van de leukste organisaties van Nederland had mogen werken, kwam er een einde aan mijn contract. Zulke rouwperiodes had ik eerder meegemaakt. Als kind van deze flexgeneratie heb ik al heel wat werkplekken op mijn cv staan. Steeds wanneer ik ergens mijn draai had gevonden, kwam het onvermijdelijke gesprek: ‘je doet fantastisch werk, maar…’ En elke keer deed het pijn. Vorig jaar misschien nog wel het meest van allemaal.  Lees verder

Dat past toch helemaal niet bij jou, zo’n burn-out? (2)

“Maar wat wil je zelf eigenlijk?” wilde mijn psycholoog weten. Oei, daar moest ik even over na denken. Zelf wilde ik het liefst zo gauw mogelijk stoppen met mijn studie, zodat ik er ook niet meer nachten van wakker hoefde te liggen. Maar ja, wat zou mijn omgeving daarvan zeggen? Zelf wilde ik het liefst vrijwilligerswerk doen en me belangeloos inzetten voor de samenleving. Maar ja, vrijwilligerswerk zorgde niet bepaald voor een stabiel inkomen. Zelf wilde ik het liefst op dat ogenschijnlijk simpele baantje bij de bibliotheek solliciteren. Maar aan de andere kant, dat was misschien geen flitsende start van mijn carrière. En trouwens, was het niet ontzettend egoïstisch om voor mezelf te kiezen? Lees verder

Dat past toch helemaal niet bij jou, zo’n burn-out? (1)

Op zondag ging het licht uit. Ik was eenentwintig. ’s Middags was ik nietsvermoedend even op bed gaan liggen. Gewoon om mijn hoofd leeg te maken. Ik kwam mijn bed niet meer uit. Waar het precies misging, weet ik nog steeds niet. Maar ergens die middag gaf mijn lijf aan dat het genoeg was. Ik kon aan niemand uitleggen wat er gebeurde. Ik wist het zelf niet eens. Het leek alsof alle energie uit me was gezogen. Ik was moe, zo vreselijk moe.  Lees verder

Marrakech in vijf foto’s

In mijn vorige woonplaats woonde ik midden tussen de Marokkaanse mensen. En ik vond het heerlijk. De geuren, het rumoer op straat, de grote families die de flat in- en uitliepen… Het deed me verlangen naar een wereld die ik nog niet kende. Hoe meer ik me ging verdiepen in de Marokkaanse cultuur, hoe hoger een reis naar Marokko op mijn bucketlist kwam te staan. Dit jaar greep ik mijn kans: een zonbestemming voor de winter? Dat móest Marokko worden.  Lees verder

Goede voornemens? Op deze manier haal je ze wél!

Ja, ook ik heb ze. In mijn notitieboekje staat een keurig rijtje goede voornemens, onderverdeeld in hapklare stukjes. Ik wil reizen, meer taarten bakken, eindelijk eens dat manuscript afstoffen en mijn boek afschrijven… Het zijn voornemens die ik eigenlijk elk jaar weer heb. Voornemens die helemaal niet zo moeilijk te volbrengen zijn, maar die ik elke jaarwisseling weer noteer, omdat ik nooit helemaal tevreden ben over het uiteindelijke resultaat. Lees verder

(Te?) romantisch?

Onlangs deed ik mee aan een schijfwedstrijd. Dat was al een prestatie op zich, want ik haat zulke wedstrijden. Ik vind mezelf nooit goed genoeg, hik er altijd tot het laatste moment tegenaan en lever nooit iets in waarover ik echt tevreden ben. Maar deze keer ontkwam ik er niet aan. De winnaar kreeg namelijk persoonlijke begeleiding bij het schrijven van een kinderboek. En dat wilde ik. Ik wilde winnen. Ik wilde dat boek schrijven. Dat wil ik namelijk al sinds ik kan lopen: kinderboekenauteur worden.

Lees verder